Magazine | Het lichaam moet weten dat het veilig is

Het lichaam moet weten dat het veilig is

Hersenen van adoptiekinderen ontwikkelen zich vaak in een stressvolle omgeving. Gevolg is dat het brein bijna continu in de overlevingsstand staat: het is niet in staat prikkels te filteren en het lichaam te laten weten dat het veilig is. Door middel van een intensief behandelprogramma helpt neuropsychologe Else Dahmen jaarlijks veel adoptiekinderen met het doorbreken van dit patroon. “We gaan terug naar de basis en creëren een nieuw vertrekpunt. We resetten als het ware het brein.”Else-Dahmen web

Het zijn vaak adoptieouders met kinderen in de basisschoolleeftijd die met een hulpvraag bij Dahmen aankloppen. Niet zo vreemd, vindt ze. In die periode nemen de momenten waarop het kind tot rust kan komen sterk in hoeveelheid af. Een kind komt tegenwoordig in een klas van gemiddeld dertig kinderen. Dan krijgt het heel veel prikkels binnen, die het brein niet goed of zelfs helemaal niet kan verwerken. Er is soms sprake van over-alertheid. In dat geval nemen de hersenen ieder detail in de omgeving ongefilterd waar. Alles is even belangrijk. “Als wij een brandende kaars zien omvallen, is zowel ons brein als ons lichaam direct in opperste staat van paraatheid. Je moet je voorstellen dat veel van deze kinderen zich altijd zo voelen. Zelfs in rust.”

Behalve van over-alertheid kan een kind ook last hebben van onder-alertheid. Het worstelt met concentratieproblemen, kan zijn impulsen moeilijk onder controle houden of vertoont terugtrekgedrag. Dahmen: “Een kind kan er heel rustig uitzien, terwijl van binnen ontzettend veel onrust speelt, die er thuis in de vorm van emoties uitkomt.” Door hun zelfbeschermende terugtrekgedrag vallen ze in de klas nauwelijks op. Het zijn meestal de zogenoemde stuiterballen die als lastpakken worden gezien. “Dan denk ik: je moest eens weten wat er allemaal in die koppies omgaat.”

Bij veel therapieën ligt de focus op onder- óf over-alertheid, terwijl bij adoptiekinderen juist vaak een combinatie van beide speelt. Daarom moeten beide mechanismen volgens Dahmen gezien en aangepakt worden.

Reptielenbrein

Je kunt ouders en leerkrachten natuurlijk praktische tips geven om de situatie in de klas en daarmee ook het gedrag te verbeteren. “Maar dat is symptoombestrijding,” aldus Dahmen, “je neemt er de oorzaak van het probleem niet mee weg.” Om dat aan te pakken heeft ze een behandelprogramma van vier achtereenvolgende dagen ontwikkeld. Een intensieve, maar ook effectieve manier om een nieuw fundament te leggen voor het brein, het lichaam en de ‘mindset’. Het kind leert opnieuw of voor het eerst voelen en ervaren wat ontspanning is, hoe het prikkels op een rustige manier kan verwerken en wat concentratie is. Dat heeft het niet geleerd. Hersenen ontwikkelen zich van binnen naar buiten. Eerst wordt het reptielenbrein gecreëerd, dat verantwoordelijk is voor het aansturen van het lichaam. Bijvoorbeeld voor de ademhaling en de hartslag, maar ook voor de reflexen: hoe het lichaam reageert op waarnemingen die het brein doet. Volgens Dahmen is dit brein bij adoptiekinderen door stress in de vroege ontwikkeling vaak uit balans, waardoor ook de rest van het brein niet evenwichtig is. Deze slecht start zorgt ervoor dat schema’s uit het verleden – alertheid, spanning en verdediging – nog altijd het gedrag beïnvloeden: “Je merkt het zelfs fysiek: ze hebben een hogere hartslag en een snellere ademhaling.”

Nieuw pad

Tijdens de therapie leert Dahmen het brein een ander pad te volgen. Het moet cognitief weten: ik ben veilig. Maar die informatie moet het dus ook doorsturen naar het lichaam. Geen sinecure, want het lichaam is al heel wat jaren anders gewend. Een geadopteerde vrouw vertelde eens aan Dahmen: “Ik weet heus wel dat er in de collegezaal geen direct gevaar heerst. Toch ben ik altijd op m’n hoede. Mijn lichaam snapt het gewoon niet.” Een goed voorbeeld van hoe het reptielenbrein niet alleen de neiging heeft het denkende brein (dat later is ontwikkeld) te overheersen, maar daar ook vaak in slaagt.

Dus moet er getraind worden. Met name om een ontspannen staat en gezonde vorm van alertheid en aandacht te creëren. Dit gebeurt met behulp van neuro- en biofeedback. “Tijdens praktische oefeningen meten we de hersenactiviteit, hartslag, ademhaling en huidgeleiding en geven we het kind continu feedback. Als de ademhaling rustig is en het brein in evenwicht, dan belonen we dat bijvoorbeeld met leuke filmpjes.”

Na vier dagen zie je volgens Dahmen vaak al duidelijk verbeteringen. De scherpe kantjes zijn eraf, de emmer zal minder snel overlopen. Dan kan de vertaalslag naar thuis en de klas gemaakt worden. “Met een schoolconsult en af en toe een herhaalsessie zorgen we ervoor dat een positieve ontwikkeling kan worden ingezet die goed aansluit bij wat het kind nodig heeft.”

Concrete handvatten

Voor leerkrachten is het vaak frustrerend om te merken dat de gewone technieken, die ze tijdens hun opleiding hebben geleerd, niet toereikend zijn. Daarom zijn de handvatten die Dahmen ze aanreikt een nuttige aanvulling. Ingewikkeld zijn ze niet. Alleen al het vinden van een passende plek in het lokaal brengt rust. Een plekje aan het raam bijvoorbeeld voor kinderen die zich door naar buiten te staren even kunnen onttrekken aan te veel prikkels. Zij kunnen ook even tot zichzelf komen door een koptelefoon op te zetten of een mandala te kleuren. Kinderen die onder-alert zijn, hebben juist baat bij een plekje bij de deur, zodat ze af en toe naar buiten kunnen om te bewegen. Dahmen: “Ze leren ook om kleine bewegingen met hun tenen te maken. Die kunnen de behoefte aan prikkels vervullen terwijl ze nauwelijks opvallen en niemand storen.”

Het is volgens Dahmen vooral belangrijk te kijken waar het kind behoefte aan heeft. Een voorwaarde voor goed leren is relaxed zijn. En dat is lastig als je minder goed kunt automatiseren dan je klasgenoten. En dan ook nog minder snel. Dat is misschien nog wel belastender, zegt Dahmen: “Ze moeten mee met de rest. Lopen continu op hun tenen. Ik zou ieder kind zo zijn eigen tijdspad gunnen.”

 

Auteur: Machteld Stilting

www.brainspa.nl